Draai om je oren
Jazz en meer - Weblog





 


Concert / Cd
Live in Poppel!
Kim Versteyen & Tim Finoulst, vrijdag 12 december 2014, cd-presentatie 'First Time', Mieke Pap, Poppel

In 2013 wonnen Kim Versteynen en Tim Finoulst het Concours Des Jeunes Talents als onderdeel van de Dinant Leffe Jazz Nights. Bij deze prijs behoorde een cd-opname. Met die cd, 'First Time' genaamd, toert dit duo nu langs een aantal Belgische podia, waaronder Mieke Pap in Poppel. Voor Versteynen was dit concert extra bijzonder omdat zij uit Poppel afkomstig is. Er was dan ook veel familie bij dit concert en veel mensen die in eerste instantie ongetwijfeld meer voor Kim kwamen dan voor de muziek.

De samenwerking tussen deze twee musici is op zich bijzonder te noemen. Als zangeres maak je het jezelf niet bepaald gemakkelijk om op te gaan treden met alleen een gitarist. Daarbij is Finoulst ook nog eens een fijnzinnige gitarist, die niet meer noten aanslaat dan er écht nodig zijn en die over een perfecte timing beschikt. Verschuilen was er dus niet bij voor Versteynen. Niet dat ze dat nodig heeft, verre van dat.

Versteynen heeft een volle en warme stem, waarmee ze vrijwel moeiteloos de noten aaneenrijgt. En of het nu gaat om het zingen van de tekst, om het scatten in een vrije improvisatie of om het fluiten: het klinkt allemaal even overtuigend.

Het concert bestond, net als de cd overigens, voor een deel uit eigen werk, waarbij de muziek meestal van Finoulst afkomstig is en de teksten van Versteynen. Luister bijvoorbeeld naar 'Kind Of Grey', waarbij Versteynen zich voor de tekst heel duidelijk heeft laten insprireren door de sfeer van de door Finoulst gecomponeerde muziek. In de muziek weerklinkt de titel: een grijze dag, weemoedig , met een subtiele bluesondertoon. De tekst van Versteynen, met de woorden "I walk in a grey kind of city, I walk in a street of loneliness in the rain..." past daar goed bij en wordt op een even ingetogen als weemoedige wijze gezongen.

Maar ook de covers zijn goed gekozen en getuigen van durf. Vooral omdat het over het algemeen nummers zijn die wel heel bekend zijn. Voor 'River Man' van Nick Drake valt dat nog mee. Maar om je te wagen aan 'Walk On By' van Burt Bacharach, 'Send In The Clowns' van Stephen Sondheim en in het concert aan 'Summertime' van George Gershwin, dat is bijna overmoedig te noemen. Want wat moet je daar nu nog aan toevoegen? Maar eerlijk is eerlijk, ze komen ermee weg. Zo start Finoulst 'Summertime' met een vrije solo met subtiele uitweidingen, waardoor je hoort wat een briljante compositie dit eigenlijk is. En als Versteynen zingt, in een net iets hoger tempo dan meestal gebruikelijk, ontstaat er toch weer iets nieuws. 'Send In The Clowns' valt op door de meeslepende intensiteit waarmee Versteynen het nummer zingt: doorleefd, iedere noot is raak, om kippenvel van te krijgen.

Tot slot nog een paar woorden over de onderlinge samenwerking, want dat is wel op zijn plaats. Het is bijzonder om te zien en te horen hoe goed deze twee artiesten op elkaar zijn ingespeeld. Aan alles is te merken dat ze elkaar hebben gevonden en er intens genoegen aan beleven om samen te spelen en elkaar de ruimte te geven om datgene te doen waar ze goed in zijn.

Dus zit u nog verlegen om een cadeautip? Met de nieuwe cd doet u een goede gooi.

Labels:

(Ben Taffijn, 20.12.14) - [print] - [naar boven]



Cd
Tingvall Trio - 'Beat' (Skip, 2014)
Opname: 22-25 februari 2014

Ook Martin Tingvall is een van de noeste arbeiders die de orkestrale kant van het 'klassieke' jazzpianotrio exploreert en ontwikkelt. Hij is een van de borelingen van Keith Jarrett – maar dan een Jarrett na een met goed gevolg afgesloten cursus bodybuilden van Charles Atlas.

De Brit Jamie Cullum komt ook in de buurt, maar Tingvall heeft meer pretenties en meer noten op zijn zang. Hij is speelser, creatiever. Zijn Zweedse afkomst schemert door in het thematisch materiaal; alle composities zijn van zijn hand. Maar veel meer dan een suggestie wordt die afkomst nooit. Dus geen treurige liedjes over lammetjes die in de fjord zijn gevallen of lustige lentedansjes met bloemenkransjes in het stroblonde haar.

Het ritme hamert Tingvall met een ostinato linkerhand uit de toetsen, de groep is niet bang voor avonturen in dynamiek, de vormgeving is voorbeeldig. Het Tingvall Trio kan ook onbekommerd mooi spelen, zoals in 'Beat'. Meteen in het eerste stuk, 'Den Gamla Eken', valt bassist Omar Rodriguez Calvo op met loepzuiver strijkwerk en een overdonderend pizzicato. Hij gebruikt alle vingers van zijn rechterhand. Huist er een Spaanse gitaar in zijn DNA? Dat zou me niet verbazen. Drummer Jürgen Spiegel is zeer aanwezig, maar schuift zich nimmer naar de voorgrond. Luister naar zijn subtiele, maar toch stuwende bekkenwerk in 'Beat Train'. Heel beheerst, net als de formule van het trio als geheel. Met haar pakkende aanpak hoort deze groep op alle grote festivals te staan.

Meer horen?
Klik hier voor geluidsfragmenten van dit album.

Labels:

(Eddy Determeyer, 20.12.14) - [print] - [naar boven]



Cd
Eef Van Acker Quartet – 'Shaping Memories' (eigen beheer, 2014)
Opname: 2-3 maart 2014

Dus u bent op zoek naar een jazz-cd met zang? En dan wel een van het melodieuze soort, waarbij de visite niet direct de benen neemt en er niet al te veel, liever eigenlijk geen, onverwachte dingen gebeuren. Van al dat modernistische gedoe moet u immers niets hebben, dat leidt alleen maar af. Wat u zoekt is een plaat waar gewoon goed gezongen en goed gemusiceerd wordt en verder geen fratsen.

Welnu, hier is wat u zoekt! De zangeres is Eef Van Acker en met haar kwartet heeft zij onlangs haar eerste album opgenomen: 'Shaping Memories'. En de cd voldoet exact aan het hierboven genoemde verlanglijstje. Van Acker zingt goed en er wordt prima gemusiceerd en - vooral belangrijk - het schuurt nergens en nergens vliegen de pianist, bassist en drummer hinderlijk uit de bocht. Hier wordt gewoon fijn gemusiceerd.

U proeft ironie? Ach, daar zit wel een kern van waarheid in. Wat deze cd namelijk mist is urgentie. Het is allemaal heel mooi en leuk gedaan, maar het is ook niet veel meer dan dat. Het is niet vernieuwend, niet verrassend en het raakt niet echt. Wat we te horen krijgen is onvervalste mainstream jazz, al heel vaak gedaan en natuurlijk ook beter, wat niet zo verwonderlijk is na een eeuw jazzgeschiedenis. Luister maar eens naar een bekende cover op dit album: 'On The Street Where You Live' van Lerner & Loewe. Wat dit kwartet hier voorzet is een adequate uitvoering van deze standard. Van Acker zingt het goed, maar redelijk voorspelbaar. Pianist Bram Weijters speelt een mooie, maar weinig verrassende solo. Slagwerker Jelle van Geel en bassist Janos Bruneel vullen het geheel mooi aan. Het klinkt als een klok, maar het raakt niet.

Het is net een in China geschilderde Van Gogh. Zeer knap gedaan en niet van echt te onderscheiden. Maar het is geen Van Gogh. Het is een kopie, zonder de zeggingskracht van het origineel. En dat is jammer. Maar goed, als het u niet uitmaakt en u wilt gewoon een fijne cd? Geniet er dan vooral van (en dat is niet ironisch bedoeld).

Meer horen?
Klik hier om vier tracks van dit album te beluisteren: 'Hope', 'Loneliness', 'Love Me Or Leave Me' en 'Winter'.

Labels:

(Ben Taffijn, 19.12.14) - [print] - [naar boven]





Concert
Het oude dansgevoel

Kuhn Fu & Sons Of Kemet, zaterdag 13 december 2014, Grand Theatre, Groningen

Er zijn tijden geweest dat het normaal was dat een jazzbandje je tot dansen en schreeuwen opzweepte. Het Londense kwartet Sons Of Kemet heeft dat nobele oude handwerk nog in de vingers. Na een serene opening, waarbij de solosax van Shabaka Hutchings bijna als een middeleeuws koor klonk, voegden de twee drummers plus tubaïst Theon Cross op koebel zich bij de leider, die inmiddels in een soort Albert Ayler-chant terecht was gekomen. In dat eerste twintig minuten durende stuk, zeg maar rustig orgasme, kon reeds vastgesteld worden dat een dubbele drumkit ook als een dubbele dansmotor kan functioneren. Kwestie van organisatie en afspraken – en goed naar elkaar luisteren. Of de een nu het ritme leverde waar de ander op varieerde, of dat beiden in dezelfde groove werkten; het resultaat was een niet mis te verstane tinteling in je benen.

In een of twee nummers hoorde je ook dat Hutchings in Barbados heeft gestudeerd en daar een levenslange liefde voor reggae heeft opgelopen. Ook zijn aanpak, ergens tussen de 'Yakety Sax' van Boots Randolph en het vrije psalmodiëren van Pharoah Sanders, was met de vele gebezigde ritmische figuurtjes uitermate stuwend.

Speelplezier kenmerkte ook het optreden van Kuhn Fu, het internationale viertal dat het voorprogramma verzorgde. 'The Bell', opgedragen aan de klokken van de Martinitoren, begon als een klassieke ballad, maar ontwikkelde zich gaandeweg in de richting van een milde vorm van razernij. Daarbij wist gitarist en leider Christian Kuhn er nog listig een citaat uit 'Moonlight In Vermont' doorheen te vlechten, de oerballad voor jazzgitaristen.

In het laatste stuk, 'Serai', klonk Kuhn Fu qua impact en vormvastheid als een rockgroep. Esat Ekincioglu hanteerde hier zijn contrabas als een wapen (een Sarsilmaz SAR 109/TE54, voor de kenners).

Willem Schwertmann maakte foto's van beide concerten: Kuhn Fu en Sons Of Kemet.

Labels:

(Eddy Determeyer, 17.12.14) - [print] - [naar boven]



Cd
Tineke Postma & Greg Osby – 'Sonic Halo' (Challenge, 2014)

Opname: 7-8 november 2013

Het is weinigen gegeven zo prominent en internationaal door te breken als saxofoniste Tineke Postma. Ook nog in een relatief korte periode. Rond 2003 manifesteerde ze zich in het Nederlandse jazzcircuit en in 2009 verscheen ze al met een Amerikaanse formatie met Scott Colley, Geri Allen en Terri Lyne Carrington op de grote internationale festivals en podia in de Verenigde Staten.

Na de eclatante internationale successen heeft ze in november 2013 in New York haar meest recente cd 'Sonic Halo' opgenomen. Haar medemuzikanten behoren tot de elite van de hedendaagse Amerikaanse jazzscene. Collega en vroegere leermeester saxofonist Greg Osby is de 'senior' van het kwintet, dat wordt aangevuld met pianist Matt Mitchell, bassiste Linda Oh en drummer Dan Weiss. Het album omvat vijf composities van Postma, drie van Osby en de geheel vrij gespeelde standard 'Body And Soul'.

Beide saxofonisten bespelen de alt- en sopraansaxofoon. Het onderscheid is minimaal. Osby's geluid is iets voller en warmer en zijn solo's zijn wat vrijer. Postma daarentegen soleert meer in de harmonieën en melodieuzer. Beide blazers kunnen steunen op een formidabele, alerte ritmesectie, waarin de heldere en puntige pianosolo's uitspringen.

Originele frisse composities, enthousiaste en geïnspireerde solo's, compacte en swingende hedendaagse jazz: dat zijn de kenmerken van deze (inmiddels) zesde cd van de terecht internationaal furore makende Tineke Postma.

Bekijk de Jazztube!
Klik hier om een track van dit album te beluisteren: 'Sea Skies'.

Labels:

(Jacques Los, 17.12.14) - [print] - [naar boven]



Concert
Het stof uit de oren geblazen

Laurens Smet Anvers Stock Trade & Ingebrigt Håker Flaten Chicago Sextet, Oorstof, vrijdag 5 december 2014, Zuiderpershuis, Antwerpen

Het was alweer het laatste concert in de meesterlijke serie 'Oorstof' van Sound In Motion. Hulde aan Koen Vandenhoudt en Christel Kumpen voor het organiseren van deze serie. Dat is hier wel op zijn plaats. En zo'n laatste concert moet dan natuurlijk ook wel iets speciaals hebben. Welnu, daar zijn Koen en Christel in geslaagd.

De eerste helft van de avond was ingeruimd voor een, speciaal voor deze avond samengesteld, sextet onder leiding van de Antwerpse bassist Laurens Smet. Smet speelde de laatste jaren bij Ifa Y Xango, Bolhaerd, O.Orkin's Insect Zoo, Tandapushi en Bambi Pang Pang, een kwartet met de legendarische drummer Andrew Cyrille, waarmee hij in 2013 nog op Jazz Middelheim stond. Laurens Smet Anvers Stock Trade werd dit gloednieuwe sextet gedoopt. Smet nodigde verder als blazers Niels van Heertum (trompet en euphonium) en Joachim Badenhorst (tenorsax en klarinet) uit. Beiden hebben hun sporen reeds ruimschoots verdiend in de internationale improvisatiescene. Op drums de eveneens uit Antwerpen afkomstige Louis Evrard. En verder twee muzikanten uit Zweden: Johan Graden op de Wurlitzer-piano en Moog-synthesizer en als tweede drummer Konrad Agnas.

Het sextet speelde een kleurrijke set, waarin naast jazz invloeden doorklonken uit de folk en niet-westerse muziek. De set bestond uit twee langgerekte composities, waarbij de eerste vooral opviel door het slepende, ietwat dromerige ritme. Met name aangezet door de Wurlitzerklanken van Graden. De ietwat klagelijke klanken in de solo's van Badenhorst pasten daar goed bij. Verder waren de overgangen binnen dit stuk het vermelden waard. De fijnzinnige, uitgesponnen patronen, soms verstild, werden afgewisseld met momenten waarop een ware kakofonie van klanken het stof uit de oren blies. Erupties waarin het broeide, knetterde en gierde. Waarbij de associatie met een op hol geslagen circusorkest op zo'n moment nooit ver weg is. De tweede track was zo mogelijk nog aparter, met name door het meerdere keren volledig stil laten vallen van het totale sextet en dan net op die momenten dat het geluid naar een climax ging. Met een spanning verhogend effect. Voorwaar een sextet dat vaker zou moeten gaan samenspelen na deze enerverende première.

En dan na de pauze het sextet van de, in de Verenigde Staten wonende, Noorse bassist Ingebrigt Håker Flaten, actief in bands en projecten als Atomic, Free Fall, The Thing, The Rempis Percussion Quartet, The Cherry Thing, Scorch en The Bureau Of Atomic Tourism, waarin hij afgelopen zomer nog te horen was tijdens Jazz Middelheim. In dit sextet, naast violist Ola Kvenberg, musici uit de bloeiende Chicago-scene: Frank Rosaly op drums, Dave Rempis op tenorsax en Jason Adasiewicz op vibrafoon. Vandaar ook de naam Chicago Sextet. Jeff Parker maakt als gitarist eveneens deel uit van dit sextet, maar werd vanwege verplichtingen elders op deze avond vervangen door Jasper Stadhouders. Alweer. Want ook tijdens het concert van Ken Vandermark's Made To Break was hij reeds van de partij. Daar echter in de rol van bassist.

Een bijzonder sextet, niet in de laatste plaats vanwege de wat ongewone bezetting van bas, drums, vibrafoon, sax, viool en gitaar. Maar muzikaal viel er zeker ook veel te genieten. Op een bij tijd en wijle krachtige beat, neergezet door Håker Flaten, Rosaly en Adasiewicz, werden de nodige complexe solo's weggegeven door vooral Kvenberg en Rempis. Maar ook Stadhouders liet zich niet onbetuigd, door met allerlei hulpmiddelen de meest onmogelijke klanken uit zijn gitaar te persen. Solo's die zeker lyrische elementen in zich borgen, maar evengoed alle kanten opschoten en lieten horen dat deze musici tot de top van de impro-scene behoren. Zelfs een Noorse traditional werd volledig aan flarden gespeeld. Maar ook dit concert kende verstilde en bijna hemelse momenten. Zo riep de combinatie bas en vibrafoon op enig moment associaties op met een voorjaars regenbuitje en leverde het tegelijkertijd inzetten van de strijkstok bij viool, bas en gitaar een mooi weemoedig klankspel op.

Een waardige afsluiting van een prachtige serie dus, dit sextettengebeuren. En nu maar hopen dat Sound In Motion hiermee doorgaat!

Cedric Craps maakte foto's van de concerten van Laurens Smet Anvers Stock Trade en het Ingebrigt Håker Flaten Chicago Sextet.

Labels:

(Ben Taffijn, 16.12.14) - [print] - [naar boven]



Cd
Dicke Luft – 'Carillon' (Red Piano, 2014)
Opname: 31 januari - 1 februari 2013

Saxofonist Dick de Graaf baseerde zijn twaalfdelige 'Carillon' op De Toonklok van Peter Schat. Dat is een compositiemethode die uitgaat van twaalf drieklanken. Vermoedelijk heeft Schat het werk van de Amerikaanse componist Alec Wilder wel gekend, maar het is niet erg waarschijnlijk dat die laatste van invloed is geweest op Schats systeem.

Nochtans doet 'Carillon' me, met zijn jaren veertig-feel en -klankkleuren, sterk denken aan de luchtige kamermuziek van de Amerikaan. De Graaf schreef zijn vignetten, melodische flarden en riffjes, voor de rietengroep van het Clazz Ensemble. Hij doopte die Dicke Luft. Alle stukken werden naar horlogemerken genoemd en daarvan maakt nummer 10, 'D.H. Quartz', met het goddelijke sopraangeluid van Arno Bornkamp, de meeste indruk. De solisten zijn slechts kort aan het woord en moeten zich, wegens het ontbreken van slagwerk, op hun interne ritmesectie verlaten.

De groep – sopraan, alt, tenor en bariton – heeft een lekker breed geluid en alle crescendi en dynamische variaties worden spatgelijk uitgevoerd. Dit is een groeiplaat.

Meer horen?
Klik hier om drie tracks van dit album te beluisteren: 'Junghans', 'Omega' en 'Swatch'.

Labels:

(Eddy Determeyer, 16.12.14) - [print] - [naar boven]



Muziektheater
Maar helpt het ook?
Barricade, met Izaline Calister & Leoni Jansen, zaterdag 6 december 2014, Theater De Tamboer, Hoogeveen

Bij onze buren is het stakingsspook weer uit de mottenballen gekropen. Misschien is het inderdaad tijd daar ook de socialistische strijdliederen en andere protestsongs uit op te vissen.

Zangeressen Izaline Calister en Leoni Jansen hebben met hun programma 'Barricade' vast een voorschot genomen op eventuele komende roerige tijden. Een keur aan felle songs laten ze de revue passeren. Liedjes tegen politie en politiek, tegen racisme, tegen homofobie. Zelfs tegen de huidige (a)sociale mediacultuur, die verhindert dat mensen nog rechtstreeks contact met elkaar hebben, met elkaar praten, problemen oplossen, de liefde beleven.

Bekwaam ondersteund door gitarist Erik Rutjes en bassiste Phaedra Kwant bleken de dames prima te harmoniëren. Om beurten of gezamenlijk praatten ze het gebodene aan elkaar. Calister herinnerde ons er fijntjes aan hoe de uit Suriname afkomstige jazzsaxofonist Kid Dynamite in 1938 door de Amsterdamse overheid actief werd tegengewerkt. De hoofdcommissaris van politie oordeelde dat die zwarte apen in de plaatselijke dancings de eer van onze blanke maagdekens bezoedelden.

Uiteraard kwamen de klassiekers van Bob Dylan voorbij, van Boudewijn de Groot/Lennaert Nijgh, Armand, Tim Hardin en zelfs Destiny's Child. 'Survivor' van de jonge Beyoncé blijkt destijds jonge mensen als Izaline te hebben geholpen met het overwinnen van maatschappelijke tegenslagen en obstakels. Overigens viel op dat veel protestsongs uit heden en verleden in melodisch en ritmisch opzicht toch wel erg braaf waren en zijn.

Jansen en Calister hadden ook 'Fuck You Very Much' uit 2009 van Lily Allen opgedoken, dat aan duidelijkheid weinig te raden overliet. "Do you really enjoy living a life that's so hateful" – zo, die kon George W. Bush in zijn zak steken.
Of het ook helpt of heeft geholpen? "The times they are a'changin’" zongen Phaedra, Izaline, Leoni en Erik Bob Dylan na en ze vormden beslist een aantrekkelijk koortje. Op het scherm achter hen bubbelde en spatte een goeie ouwe vloeistofdiashow dat het een lieve lust was. En Callister onthulde dat het originele manuscript van de moeder aller protestsongs een paar jaar geleden bij Sotheby's in New York geveild is. Een hedge fund-manager had er 422.500 dollar voor over.

Labels:

(Eddy Determeyer, 15.12.14) - [print] - [naar boven]



Cd
Black Flower – 'Abyssinia Afterlife' (Zephyrus/ W.E.R.F., 2014)
Opname: herfst 2013

De Belgische saxofonist Nathan Daems voelt zich als geen ander aangetrokken tot niet-westerse muziek en heeft dan ook reeds een aantal cross-overprojecten op zijn naam staan. Zo is hij onlangs gestart met het Karsilama Quintet, dat teruggrijpt op de Turkse zigeunermuziek. En is hij de leider van het Ragini Trio, waarin hij Indiase muziek combineert met jazz. Maar er is tevens het Bazaar d'Orient, waar de muziek van de Balkan centraal staat en Black Flower, dat een hommage brengt aan de Ethiopische jazz. Laatstgenoemde band heeft nu zijn debuut-cd uitgebracht: 'Abyssinia Afterlife'.

Naast Daems op alt-, tenor-, en baritonsax en op fluit vinden we in de vaste bezetting Jon Birdsong op cornet, Wouter Haest op piano en keyboards, Filip Vandebril op bas en Simon Segers op drums. Op het album spelen verder gitarist Smokey Hormel en percussionist Robbe Kieckens mee.

De inspiratie voor Black Flower ligt dus bij de Ethiopische jazz en soul uit de jaren zeventig, bij muzikanten als Mulatu Astatke en Mahmoud Ahmed. Maar je hoort zeker ook de invloed van musici als Fela Kuti en Yussef Lateef. Al deze invloeden samen gecombineerd met het talent van deze musici levert vervolgens een zinderend, vaak zeer dansbaar album op.

'Star Eclipse' begint rustig met mooi samenspel van Daems en Birdsong, waarna de overige musici er een beat onder leggen die je bij het beluisteren het gevoel geeft dat je op een kameel zit. De invloed van de Arabische muziek, zullen we maar zeggen. Een lekkere groove, waar vooral Haest zijn aandeel in levert. En waar Daems vervolgens een zeer lyrische solo aan toevoegt. Een andere, zeer aanstekelijke track is 'Jungle Desert'. Beginnend met apengekrijs loopt het al snel uit op een heerlijk feestje. Let daarbij vooral op de baritonsax van Daems in combinatie met de keyboardklanken van Haest; dat swingt de pan uit! Het opzwepende percussiewerk van Kieckens wordt door Daems aangevuld met een schurende, gruizige baritonsaxsolo.

'Winter' is een mooi, rustig, slepend nummer. Daems speelt hier dwarsfluit. Een fijnzinnige, ijle, bijna spirituele melodie weerklinkt boven een Arabisch aandoend ritme, waarin vooral de percussieaccenten opvallen. 'Again I Lost It' is dan weer eersteklas funk. Een sterk repetitief nummer met een mooie combinatie van toetsen, sax en cornet, met naar het einde toe een verrassende, noise-georiënteerde climax.

Black Flower dus. Of ze zo uit Ethiopië komen. En dat voor een stel Belgen, voorwaar een hele prestatie!

Meer horen?
Op de website van Black Flower kun je van dit album twee tracks beluisteren: 'Jungle Desert' en 'I Threw A Lemon At That Girl'. Klik hier en selecteer 'Listen'.

Labels:

(Ben Taffijn, 15.12.14) - [print] - [naar boven]



Masterclass / Concert
Omnivoor en veelvraat
Masterclass James Carter & James Carter Organ Trio, vrijdag 21 november 2014, Bimhuis, Amsterdam

De 200ste geboortedag van de Belgische instrumentbouwer Adolphe Sax (1814-1894) op 6 november 2014, is voor de in 2013 opgerichte Stichting Adolphe Sax Revisited de aanleiding om het eerste International Saxophone Festival Amsterdam te organiseren. Onder de titel SAX14 stond Amsterdam van 20 tot en met 23 november in het teken van de saxofoon. Met een uitgebreid programma van concerten, workshops, masterclasses, een tentoonstelling en diverse films, viert SAX14 de saxofoon in de volle breedte. Met een focus van klassiek tot jazz, pop en wereldmuziek beoogt het festival inspirerend te zijn voor publiek, professionals en amateurs.

James Carter geeft onder andere een masterclass en een concert in het Bimhuis. Eerst vertelt en illustreert Carter op een aanstekelijke manier zijn muzikale levensverhaal. Welke lessen heeft hij geleerd en wat waren zijn inspiratiebronnen? Carter heeft een volledig parcours afgelegd en blijft zich oriënteren. Op school begon hij ooit met de blokfluit. Nu is hij een van de meest veelzijdige en bekwame rietblazers, aan wie de saxofoon en de klarinet wel nagenoeg al hun geheimen hebben prijsgegeven. "De muziek die je zelf maakt, gaat ook over muziek die buiten je eigen spectrum ligt. Je gedijt het best op basis van een brede kennis en een open, flexibele houding. En plezier; de sax is een viering!"

Carter luistert naar andere instrumenten om nieuwe intenties te ontdekken. "Probeer andere manieren van spelen uit en ga op zoek naar nieuwe bronnen." Hij had graag gitaar willen spelen. Jimmy Hendrix is een grote inspirator. Maar ook de ooit wereldberoemde zanger Enrico Caruso (1873-1921) en Glenn Goins van Funkadelic. En zeker ook Coleman Hawkins (1904-1969), de grondlegger van het moderne saxofoonspel. "John Coltrane's overtuigingen zijn de onze."

"Componeren en improviseren gebeurt altijd vanuit een idee of ingeving. 'Body And Soul' speel ik op talloze manieren. Er ontstaat altijd weer iets nieuws. Spelen is een proces. Houd je oren dus altijd open voor inspiratie, waar vandaan dan ook. Muziek is een universele taal die altijd aansluiting geeft!"

Als praktische inleiding speelt Carter een lang stuk, waarin hij al zijn muzikale verworvenheden etaleert. Er zijn twee saxofoonstudenten die het podium met Carter mogen delen. Dit onderdeel van het college komt niet echt uit de verf. Ondanks Carters goede intenties is er weinig interactie. Wat er precies knelt, wordt niet duidelijk. Muziek is niet altijd een universele taal die aansluiting geeft... Frappant is dat de begeleiders op piano, bas en drums - ook studenten - Carter moeiteloos kunnen volgen en waar nodig goed pareren.

Later op de avond volgt het concert van het Organ Trio. Als je de muziek van James Carter wilt leren kennen, is het onvermijdelijk om hem te zien optreden. Zodra hij een instrument in zijn handen heeft, is hij musicus, instrument en muziek in één. Hij beheerst alle registers en niets is hem te dol. Wie de masterclass voorafgaand aan het concert heeft gevolgd, kan met getrainde aandacht observeren wat hij doet. Bij Carter is dat altijd veel en met volle overgave. Met zijn instrumentarium benut hij alle gereguleerde voorzieningen en alle ondenkbare, maar evengoed toch mogelijke ontregelingen en nieuwe inzichten. Als zijn spel cool en relaxed overkomt, kun je wachten op het moment waarop hij je overrompelt met felle ademstoten en heel veel snelle noten, die ver buiten de oevers treden. Carter creëert een compleet eigen spectrum van registers en kleuringen. Innerlijke impulsen bepalen wat er uit zijn instrument komt. Voortdurend houdt hij mogelijkheid open om nog iets nieuws te ontdekken aan de saxofoon. En essentieel: zijn manier van spelen gaat altijd gepaard met dollen en lol trappen.

Ondanks zijn imponerende spel beschikt Carter over fenomenaal muzikaal inzicht. Hij speelt prachtige arrangementen en sequensen. Zijn ingetogen spel roept bij vlagen saxofonisten als Stanley Turrentine en Earl Bostic in herinnering. Het concert van het Organ Trio is een groot feest, dat bol staat van Carters statements en fratsen. Dit trio gaat zich graag te buiten aan kitsch en clichés. Ze worden gebezigd om vervolgens genadeloos te sneuvelen in venijnige grooves en felle licks. Het zijn deze contrasten die de muziek continu spannend houden. De muziek sluimert, onderkoeld als een sluipend roofdier dat onverwacht toeslaat vanuit extatische ontladingen. In de slipstream die zo ontstaat, geven de Hammond B3 en de alt- of tenorsax elkaar geen duimbreed toe. En dan ingetogen eindigen. Een aantal nummers verdwijnen in het niets. Het is puur relativeringsvermogen.

Tot slot blijkt Branford Marsalis zich onder het publiek te hebben gevoegd. Tot ieders verrassing speelt hij een duet met Carter. Dit wordt een confrontatie tussen het verzorgde spel van Marsalis en de oerkrachten die Carter op zijn saxofoon loslaat.

Klik hier voor foto's van het concert van het James Carter Organ Trio door Louis Obbens.

Labels:

(Roland Huguenin, 12.12.14) - [print] - [naar boven]





Nieuws
Documentaire Thomas Chapin in de maak


Afgelopen week hield Stephanie J. Castillo de laatste interviews in het Bimhuis voor haar documentaire over de in 1998 overleden multi-instrumentalist Thomas Chapin. Titel van de film is 'Thomas Chapin, Night Bird Song'. Hiermee eindigt Castillo's Europese interviewtour die op 25 november in Parijs begon en haar door Frankrijk, Italië en Duitsland voerde.

In het Bimhuis interviewde zij de musici Ineke Vandoorn, Marc van Vugt en Tony Overwater, jazzpromotor Marcel Kranendonk, muziekpublicist Frank van Herk en jazzprogrammeur Kees van Boven. Castillo begint in januari, als zij terugkeert naar de Verenigde Staten, met de montage en hoopt eind 2015 haar film te kunnen vertonen op film- en jazzfestivals.

Thomas Chapin overleed in 1998 op 40-jarige leeftijd aan de gevolgen van leukemie, net toen hij bredere bekendheid begon te krijgen vanwege zijn originele stijl en zijn vermogen om zowel voor een straight-ahead jazzpubliek als voor liefhebbers van avontuurlijke avant-garde jazz te spelen. Hij was een briljante bandleider, componist en multi-instrumentalist die bekend stond om zijn energieke en virtuoze spel op altsaxofoon, fluit en tal van andere instrumenten.

Klik op de linker afbeelding voor een trailer van deze film.

Labels:

(Maarten van de Ven, 12.12.14) - [print] - [naar boven]



Cd
Ernst Reijseger – 'Crystal Palace' (Winter & Winter, 2014)
Opname: 15 september 2013

Even denk je dat je in de 'Cello Suites' van Johann Sebastian Bach bent verzeild, maar nee – deze kende je nog niet. Klopt, het zijn allemaal improvisaties van Ernst Reijseger, opgenomen in de galerie waar Jerry Zeniuk, de Duitse 'elementaire' schilder, in 2012-13 exposeerde. De stukken, variërend van een tot vier en een halve minuut, zijn genummerd van 'I' tot en met 'XXVIII', naar ik aanneem het aantal tentoongestelde werken.

Globaal genomen was Reijsegers werkwijze het neerzetten van een thema, een melodische cel, die vervolgens herhaald en gemuteerd werd. De associatie met toevalsmuziek dringt zich op, maar de cellist werkt in feite eerder associatief. De thema's kunnen stekelig zijn of zacht als boter, doch altijd pregnant. Reijseger werkt loepzuiver (tenminste, waar dat zinvol is) en speelt handig met de akoestiek van het Glaspalast in Augsburg, dat een nagalmtijd van vier à vijf seconden heeft. Dat doet hij het meest evident in 'XVII', waar hij met cello en al van de microfoon wegwandelt. Soms galmt hij half binnensmonds mee en in 'XV' begeleidt hij zijn geneurie pizzicato plukkend. In de meeste stukken is hij strijkend te horen. Wanneer hij ('IX') zijn strijkstok op de snaren laat dansen, wordt nog weer eens duidelijk hoe adembenemend zijn stokbeheersing is.

Tip: laat dit album eens aan tante Brigitte horen, die immers zo'n grote liefhebber is van Bachs cellowerk. Kijken hoe ze reageert.

Labels:

(Eddy Determeyer, 12.12.14) - [print] - [naar boven]





Concert
Een bijzonder verjaardagsfeestje

Michael Moore Bigtet, vrijdag 28 november 2014, Bimhuis, Amsterdam

Het heeft natuurlijk wel wat om exact op de dag dat Michael Moore 60 wordt een recensie te schrijven van het concert in het Bimhuis. Een concert naar aanleiding van die verjaardag. Michael Moore stelde speciaal voor deze gelegenheid een 'Bigtet' samen voor vier concerten in Nederland en België: Amsterdam, Groningen, Eindhoven en Rijkevorsel.

Een Bigtet dus, ofwel een octet. Met als blazers naast Moore op altsax en klarinet, Giuseppe Doronzo op baritonsax, Eric Boeren op cornet en Wolter Wierbos op trombone. En verder Arjen Gorter op bas en Michael Vatcher op drums, aangevuld met Kaja Draksler op piano en Jorrit Westerhof op gitaar. Een divers gezelschap, deels bestaand uit musici waar Moore al jaren mee samenwerkt. Vatcher, Boeren en Wierbos bijvoorbeeld, die ook in Available Jelly spelen. Maar deels ook uit relatieve nieuwkomers als Doronzo, Draksler en Westerhof.

Michael Moore is intussen zo langzamerhand een van onze belangrijkste jazzmusici, ook al is hij van oorsprong een Amerikaan. Sinds 1982 woont en werkt hij echter in - of vanuit - Nederland. Hij heeft reeds talloze projecten op zijn naam staan en zijn sporen verdiend in de gecomponeerde jazz, de vrije improvisatie en in vele cross-over projecten tussen jazz en niet-westerse muziek. En al die verschillende stijlen en invloeden en het meesterschap in componeren, arrangeren en spelen hoor je terug in dit Bigtet.

Allereerst vallen de composities van Moore op, stevig geworteld in de jazztraditie. Met invloeden vanuit de geschiedenis van de jazz: uit de bigbandtraditie, maar ook uit de jazz van daarvoor, zoals de klank van de begrafenisorkesten uit New Orleans, de vaudeville en de blues. Maar bij Moore leidt dat nooit tot het simpelweg kopiëren. Integendeel. De melodieën en de beat zijn aanwezig, maar de dissonanten die zorgen voor de nodige spanning eveneens. Er zijn meer invloeden: de klassieke muziek en de rock drukken eveneens hun stempel op deze muziek. Dat is duidelijk hoorbaar in de uitvoeringen. Bijvoorbeeld als Moore, Doronzo en Boeren een strakke melodie blazen en Westerhof hier een stevige rocksolo overheen legt. Of als Wierbos ineens ontspoort en zijn eigen gang gaat. Met Draksler, die laat horen goed overweg te kunnen met het klassieke idioom, maar zich evengoed ontpopt als bluespianist, al kan ze de soepele melodieën ook weer vakkundig uit balans brengen.

Over het spel van Moore zelf hoeven we eigenlijk niet veel te zeggen. Gezegend als hij is met een fluwelen, lyrische en toch krachtige toon. Waarbij het meest opvallende misschien wel is dat hij met minimale middelen zo veel zeggingskracht laat zien. Het lijkt allemaal zo eenvoudig wat hij doet.

Maar het was zeker niet Moore alleen die hier liet horen tot de top van de Nederlandse jazz te behoren. De anderen deden zeker niet voor hem onder. Het was mooi om te horen hoe hecht dit gezelschap klonk, ook al was het pas het eerste concert en was er niet al te veel voorbereidingstijd geweest. En eerlijk is eerlijk, dat is dan zéker een compliment waard voor de drie musici die nog maar aan het begin van hun carrière staan: Doronzo, Draksler en - wellicht nog het meest - Westerhof. Maar dat Moore een goede neus heeft voor nieuw talent, dat wisten we al.

Klik hier voor foto's van dit concert door Maarten van de Ven.

Meer zien?
Op zaterdag 29 november speelde het Michael Moore Bigtet in De Singer, Rijkevorsel. Klik hier voor foto's van dat concert door Cees van de Ven.

Labels:

(Ben Taffijn, 11.12.14) - [print] - [naar boven]



Cd
Nathalie Loriers, Tineke Postma & Philippe Aerts – 'Le Peuple Des Silencieux' (W.E.R.F., 2014)
Opname: augustus 2013

Dat pianiste Nathalie Loriers en bassist Philippe Aerts er samen al heel wat kilometers op hebben zitten hoor je. Het is alsof hier één organisme werkzaam is. Dat saxofoniste Tineke Postma daar dan weer als een handschoen omheen past, is een klein godswonder. De muzikanten geven elkaar de ruimte; de structuren zijn open.

De cd bevat twee hommages. 'Lennie Knows' is rechtstreeks aangesloten op pianist, componist en muziekpedagoog Lennie Tristano. Alsof zijn lineariteit vanuit de jaren vijftig is doorgetrokken naar de jaren tien. In haar eentje speelt Postma het duo Lee Konitz-Warne Marsh. Tegen het eind demonstreert het trio nog een fraai staaltje van geleide collectieve improvisatie. En wat die Lennie dan weet? Nou gewoon, dat dit stuk gebaseerd is op 'What Is This Thing Called Love'.

'Dinner With Ornette And Thelonious' is misschien niet zozeer een hommage. Eerder lijkt het op een etentje met muzikanten van verschillende generaties, waarbij de Europeanen zeggen: "Wij komen er eerlijk voor uit dat we Uw muziek mateloos bewonderen, maar moet U hier eens naar luisteren."

Bij Postma gaan de sopraan en de alt qua sound vloeiend in elkaar over. Net als bij Johnny Hodges – waarmee niet gezegd is dat het geluid van de Friezin op dat van de Ellingtonman lijkt. Maar bij haar piept en krijst de sopraansax in ieder geval niet en dat is al heel wat.

Overigens had ik al na drie keer draaien in de gaten dat er geen drummer meedeed. Hoe zit dat bij U? Eerlijk zeggen.

Meer horen?
Klik hier om dit album te beluisteren op de Luisterpaal van Radio 6.

Labels:

(Eddy Determeyer, 10.12.14) - [print] - [naar boven]





Concert
Van het blaten en de wol

Jakob Bro Trio, woensdag 3 december 2014, Stedelijke Muziekschool, Groningen

Het optreden begon voorzichtig, heel voorzichtig. Alsof de muzikanten in het donker schuifelend hun weg moesten zien te vinden op een beijzeld bergpaadje. En zo bleef het vervolgens de hele avond. Nu heb ik zo goed als niets tegen introverte muziek, maar op een gegeven moment gaat dat toch jeuken. Net op dat moment besloten de musici tot 'Epistrophy' – de enige standard die gespeeld werd – en bleek gitarist Jakob Bro wellicht toch te kunnen swingen. Maar voor het overige rolde hij dus in pasteltinten geairbrushte klanktapijten uit, die aanzwollen en dan weer wegstierven, met daarop hier en daar basnoten van Thomas Morgan, bij wijze van paaltjes op het uitgestrekte strand. Drummer Joey Baron was de kale dwergterriër die enthousiast springend en kwispelend rondsnuffelde, hier een tikje plaatsend en daar een klopje.

Baron was hier de raison d'être, voor de band en voor het publiek ook. Hij is een van de meest melodisch en structureel denkende en spelende drummers. Nu Paul Motian met de stille trom is heengegaan, moet Joey Baron beschouwd worden als de primus inter pares van deze structurele slagwerkers. Hij bezit de Midas-touch; het valt hem moeilijk, zo niet onmogelijk, een maat lang niet te swingen. Daarbij is zijn stijl voornamelijk opgebouwd uit accenten en versieringen, die alle een plek hebben in het ritmisch weefsel. Ruim driekwart van de avond bediende hij zich van de brushes. Maar er kwamen ook breinaalden aan te pas, waarbij hij geluiden produceerde die je slechts in blikslagerijen van voor de Arbowet kon opvangen (met doordopjes, dat dan weer wel).

Dat Bro deze swingdynamo voor zijn tournee had uitgenodigd, begrijp je wanneer je weet dat de gitarist ooit deel uitmaakte van Motians Electric Bebop Band. Het geblaat van Jakob Bro mocht dan bescheiden zijn, van de wol van de Meester van Ritmes en Sculpturen kon een elegant en feestelijk frak gebreid worden. Daarbij stond boven kijf dat het drietal goed naar elkaar luisterde. Een automatische piloot had hier een zware dobber aan gehad.

Klik hier voor foto's van dit concert door Willem Schwertmann.

Meer zien?
Op vrijdag 5 december speelde het Jakob Bro Trio in Paradox, Tilburg. Klik hier voor foto's van dat concert door Monique van der Lint.

Labels:

(Eddy Determeyer, 9.12.14) - [print] - [naar boven]





Cd / Jazztube
Charles Lloyd – 'Manhattan Stories' (Resonance, 2014)

Opname: 1965

Eind jaren vijftig gooide Ornette Coleman het akkoordenschema overboord. Hij ontketende een muzikale revolutie. De free jazz werd in de steigers gezet. Directe volgers waren onder anderen Eric Dolphy, John Coltrane, Sun Ra, Cecil Taylor, Albert Ayler en Pharoah Sanders.

Midden jaren zestig komt John Coltrane's 'A Love Supreme' uit op het Impulse!-label en speelt saxofonist/fluitist Charles Lloyd in de New Yorkse Judson Hall en Slug's Saloon. Op de dubbel-cd 'Manhattan Stories' is hoorbaar dat Lloyd zich dan in een fase bevindt waarin hij zich niet alleen losmaakt van de post-bop invloeden, maar ook van Coltrane's rapsodische speelwijze en neigt naar de free jazz.

Die muzikale worsteling en het streven naar een eigen sound en stijl maakt het uitkomen van deze cd erg interessant. Omringd door gitarist Gabor Szabo, bassist Ron Carter en drummer Pete La Roca wordt op het snijvlak van de bop en free inspirerende live jazz vertolkt. Helaas is de speelduur op beide cd's aan de magere kant (circa 43 minuten per schijf), terwijl de opnamekwaliteit van de tweede cd beter had gekund.

Neemt niet weg dat de solo's inventief, technisch bekwaam en passend in het dan geldende moderne improvisatiemetier worden uitgevoerd, vooral die van Lloyd. Ze gaan gepaard met een uniek sonoor, warm saxgeluid. Met dank overigens aan het stuwende drummen - en toch nog wel netjes 'in vieren' - van La Roca.

Deze dubbel-cd, die nog deels hinkt op de boptraditie, ontsluit bescheiden de harmonische ketens en opent het uitzicht naar de free-jazzmuziek. Luister vooral naar het fascinerende duo Lloyd-La Roca in het openingsnummer 'Sweet Georgia Bright'.

Bekijk de Jazztube!
Klik op de afbeelding hierboven om een mini-documentaire te bekijken over 'Manhattan Stories'.

Labels: ,

(Jacques Los, 9.12.14) - [print] - [naar boven]



Film
Whiplash: de hardhandige methode
regie: Damien Chazelle, VS, met: J.K. Simmons & Miles Keller

'Whiplash' van regisseur Damien Chazelle is een intrigerende en ontroerende film. Het thema – strenge leraar drilt veelbelovende student – is verwant aan dat van de in Amerika zo geliefde sport- en recrutenfilms. Een vergelijking met Stanley Kubricks 'Full Metal Jacket' ligt voor de hand. Ook Terence Fletcher, gespeeld door J.K. Simmons, is een vuilbekkende instructeur die schreeuwend, scheldend en met stoelen smijtend poogt het maximale te halen uit Miles Teller, die Andrew Neyman is, de van Buddy Rich kwijlende leerling. Het maximale en nog een beetje meer. De hoofdpersonen zijn karikaturaal, maar toch geloofwaardig en naar welke muziekschool Shaffer gemodelleerd is zullen Amerikaanse jazzdocenten je kunnen vertellen. Camerawerk en editing zijn superbe en flitsend, maar een paar kanttekeningen zijn op hun plaats.

Is de film en dan met name de lesmethoden van Terence Fletcher 'authentiek'? Ik denk wel dat er van dit soort leraren rondlopen, zeker in de Verenigde Staten. De opleidingen daar hebben grosso modo een competitief karakter; techniek en snelheid staan hoog in het vaandel. Ook uit het verleden kennen we uitgesproken hardhandige muziekdocenten die excellente performers hebben opgeleverd. In de klassieke muziek is dat overigens misschien nog wel erger. Dat staat in schril contrast met de praktijk hier in Nederland, waar docenten en studenten tijdens jamsessies ("ach, doe maar 'I’ll Remember April'") graag met elkaar een pintje pakken. Maar is dat een probleem? Centraal staat toch de opdracht het potentieel van de leerling optimaal tot ontwikkeling te brengen. Van mij zou er meer aandacht mogen zijn voor het vormgeven van het persoonlijke geluid van de student, maar dat terzijde.

Typerend voor 'Whiplash' – de titel verwijst naar een muziekstuk dat geoefend wordt – is dat Buddy Rich het grote ideaal belichaamt. Nu zul je mij niet horen beweren dat die er niets van bakte. Ik vind het nog steeds een moeilijk te verteren idee dat Rich zijn jaren veertig-bigband moest opheffen. Maar Buddy was geen Chick Webb, geen Sidney Catlett, geen Sonny Payne. Geen Jones-boy ook. Wel was hij een van de snelste en technisch begaafdste van het gilde.

De film eindigt, heel symbolisch, in het New Yorkse Carnegie Hall. De heilige grond immers waar ook bandleiders Benny Goodman, Paul Whiteman en Duke Ellington triomfen vierden. En alle jazzcats die na hen kwamen. Eerst dreigt Neyman het te verkloten, maar een happy end mag natuurlijk niet uitblijven. 'Whiplash' besluit met een triomfantelijke barrage in 'Caravan'. Je denkt inmiddels: knappe ghost drummer die het karweitje voor Miles Tiller opknapte. Maar volgens internet was hij het echt zelf. Petje af.

De film 'Whiplash' draait nu in de Nederlandse en Belgische bioscopen. Klik hier voor de trailer.

Labels:

(Eddy Determeyer, 8.12.14) - [print] - [naar boven]





Concert
Gentlemen's agreement

Kenny Barron & Dave Holland, maandag 10 november 2014, Bimhuis, Amsterdam

Begin 2012 startte hun samenwerking. Sindsdien bereisden Kenny Barron en Dave Holland de hele wereld. In oktober 2014 verschijnt 'Art Of Conversation', een studioalbum waarop het resultaat van hun reiservaringen is vastgelegd. In Amsterdam presenteert dit gedroomde duo de gerijpte versie van een mooi samengesteld programma. Een mix van standards en eigen composities.

Het podium heeft een serene uitstraling. Slechts een concertvleugel en een contrabas bepalen het beeld. Rustig, vriendelijk knikkend, lopen Barron en Holland naar de hun zo vertrouwde plekken. Beide zijn ze meer dan vijftig jaar actief in de muziek. In het publiek is een ingetogen sensatie voelbaar.

Het eerste stuk dat ze spelen, 'Spiral' van Kenny Barron, is direct een etalage van muzikaal vernuft. De pianist geeft acte de présence met zijn afgewogen spel, rijk aan harmonische wendingen en ritmische verschuivingen. Holland toont zich de sublieme begeleider met een sterke eigen rol. Het tweetal vloeit verbluffend samen in gevoicede arrangementen. De intieme atmosfeer die ze creëren is tekenend. Het tweede stuk, Charlie Parkers 'Segment', wordt prachtig opgebouwd. Barron speelt een lange inleiding en werkt die uit in bijna alle denkbare harmonische en ritmische variaties en figuren. Holland volgt adembenemend.

Hollands 'The Oracle' heeft een dromerige inleiding van flageoletten in een strak lineair patroon, solo op de contrabas gespeeld. Dit stuk wordt percussief uitgebouwd. Een melodie met latin elementen wordt ongemerkt ingevoegd. 'In Your Arms' is een ballad ingeleid door Barron. Zijn spel is een liefdesverklaring aan de piano. Holland voegt fluisterzachte mijmeringen toe aan deze intieme kamermuziek. 'What If' begint met een abstracte bespiegeling van atonale akkoorden en droge noten. Barron maakt verbindingen tussen jazz en moderne sequenzen. Holland speelt springerige ritmische motiefjes, die hij laat overgaan in een expansieve walking bass.

Na de pauze geeft Barron een interpretatie van zijn compositie 'Seascape', met geavanceerd en verbluffend rijk gevarieerd spel. Met 'Waltz For Wheeler' gedenkt Holland zijn vriend Kenny Wheeler. 'Calypso' is een compositie uit 1961, die Barron schreef toen hij van Philadelphia naar New York was verhuisd. Het stuk begint rechttoe rechtaan, maar Barron brengt het met veel overtuiging en als opmaat tot ritmisch vuurwerk. Holland speelt een onnavolgbare solo, waarin hij de bas bespeelt met de energie van een jonge hond.

Barrons 'Rain' is een ballad met pianistisch vernuft en verfijning. In een boeiende dialoog komen de vocale kwaliteiten van beide instrumenten volledig tot hun recht. 'Pass It On' van Dave Holland is de apotheose van deze avond. Holland leidt in en bezorgt je kippenvel met zijn combinaties van melodie en ritme, en de klankschoonheid van zijn instrument. Als Barron inzet, laat hij zijn begeleiding prachtig samenvloeien met de contrabas. Het stuk mondt uit in een zinderend vraag-en-antwoordspel.

De teneur van dit concert wordt bevestigd in de toegift. Monks 'In Walked Bud' is het enig denkbare moment suprême. Het stuk is Barron en Holland op het lijf geschreven. Een volmaakte afronding van een geïnspireerd concert. Je kunt niet anders dan je gelukkig prijzen met het bijwonen van een concert dat naar volmaaktheid neigt. Twee giganten delen hun geheimen vol sprankelende energie en zeggingskracht. Hun samenspel bestaat uit spannende interacties en dialogen. In de handen van Barron en Holland verandert elke compositie in een bespiegeling. Hun muziek tilt je op.

Labels:

(Roland Huguenin, 7.12.14) - [print] - [naar boven]





Cd / Jazztube
Michel Bisceglia – 'Singularity' (Prova, 2014)

Opname: augustus 2013

'Invisible Light', de laatste cd van het Michel Bisceglia Trio, dateert alweer van 2009. Na acht filmsoundtracks in drie jaar vond Bisceglia het dan ook hoog tijd om weer eens met dit trio, dat al bijna 20 jaar bestaat in de originele bezetting, de studio in te duiken. Het resultaat van deze exercitie is het eerder dit jaar verschenen 'Singularity'.

De titel van dit album verwijst naar de relatie tussen mens en kunstmatige intelligentie. En dan vooral ook naar de steeds verder voortschrijdende technologische evolutie die voor ons, als mens, uiteindelijk onbegrijpelijk zal worden. Voor Bisceglia ligt hier een enorme fascinatie, maar tegelijkertijd ziet hij dit ook als een metafoor voor de relatie tussen mens en muziek. Ook hier is er sprake van wederzijdse beïnvloeding tot een niveau dat vaak de grenzen van het begrijpen overstijgt.

Dit thema komt nog het meest tot uiting in de sfeer die de muziek op dit album oproept. Aan de ene kant optimistisch, kleurrijk en vol expressie, aan de andere kant vol weemoed en melancholie. Dezelfde emoties dus die de technologische evolutie bij ons oproepen.

Het valt terug te horen in 'Jasmine', een hoogtepunt van dit album. Slagwerker Marc Léhan zet in met een strakke beat, waarna Bisceglia met een liefelijke, maar ook licht melancholische melodie komt - het nummer heet niet voor niets 'jasmijn'. Werner Lauscher op bas valt bij, zorgend voor een lome groove die het nummer de blues geeft. Gaandeweg gaat het nummer meer swingen en komt ook het optimisme bovendrijven. Maar de melancholie blijft kleven.

Het Michel Bisceglia Trio is geen vernieuwend trio. Ook dit album past goed in de lange traditie van het klassieke pianotrio. De stijl van Bisceglia is zeer beeldend, melodieus en kleurrijk. Vol kleine pareltjes, fijnzinnig en poëtisch. Léhan en Lauscher zijn perfecte begeleiders, soms heel minimaal met alleen de hoognodige accenten, soms ook prominenter aanwezig, maar nooit met lange solo's. Het blijft draaien om Bisceglia. Het is wat dat betreft wel écht een pianotrio.

Naast vooral eigen werk van Bisceglia vallen twee standards op: 'Meaning Of The Blues' (Worth/Troup) en 'Don’t Explain' van Billy Holiday. Het worden eigenzinnige uitvoeringen. Waarbij in 'Meaning Of The Blues' vooral de bassolo van Lauscher opvalt en in 'Don’t Explain' het duet tussen Lauscher en Léhan.

Het beviel de heren in de studio zo goed dat ze maar meteen ook een aantal oudere composities opnieuw hebben opgenomen. En om het genot voor de luisteraar volledig te maken heeft men deze cd 'My Ideal' als extraatje aan het album toegevoegd. Veel trio dus voor weinig geld!

Bekijk de Jazztube!
Op zaterdag 14 april 2014 speelde het Michel Bisceglia Trio in De Roma, Borgerhout. Van dat concert zie je in deze Jazztube het titelnummer van de cd, 'Singularity'. Klik op de afbeelding linksboven om de video te bekijken.

Labels: ,

(Ben Taffijn, 7.12.14) - [print] - [naar boven]



Muziektheater
Laika in het zonnetje
SpaceDogs, vrijdag 28 november 2014, Grand Theatre, Groningen

"Thunderbirds are go!" klinkt het in je hoofd. Uit een wolk aandrijfgassen stijgt een kleine raket, op weg naar een discobol. Achter vijf keyboards heeft de bemanning plaatsgenomen en aan de sobere uniformen herkennen we Kraftwerk. Kosmisch geruis vult de ruimte. Welkom bij SpaceDogs.

SpaceDogs is een ode aan het begin van de ruimtevaart. Toen elke hbs'er er nog van droomde, ooit kosmonaut te worden. 'Een ode aan de onschuld' noemen de makers het, onder wie componist, bassist en toetsenspeler Gerry Arling en Rick Gobée en Paul van der Zouwe, die onder auspiciën van het Rotterdamse collectief Wunderbaum de techniek voor hun rekening namen. Een ode ook aan het eerste zoogdier in de ruimte, het zwerfhondje Laika (dat eigenlijk Kudrvavka heette). Op gladde witte plastic cilinders worden beelden geprojecteerd. Abstracte voorstellingen en flarden van telescopen, raketten, wolken, het ruimtehondje zelf en de Opperste Sovjet, die als één man oprijst en begint te applaudisseren voor, naar je mag aannemen, het dappere teefje.

Dan komt actrice en vocaliste Marleen Scholten op, onder een gigantisch hondenhoofd, waaruit we kunnen afleiden dat Laika in werkelijkheid een chihuahua was. De band achter haar put zich uit in het opwekken van gravitatievelden en het evoceren van twinkelende sterretjes. Een brom wordt een muzikale spacecraft. Spoetnikbliepjes verwijzen naar Tom Dissevelts klassieker 'Song Of The Second Moon'. Hedendaagser klinkt de repetitieve elektro. Scholten zingt 'I’ll Wait For You' en dat is dan weer een klassieker van de Saturnaanse magiër Sun Ra – en dus eeuwig groen. Alsof ze wil zeggen: "het was niet vergeefs, o Laika."

Klik hier voor foto's van dit theatraal concert door Willem Schwertmann.

Labels:

(Eddy Determeyer, 6.12.14) - [print] - [naar boven]


Lees verder in het archief...







Schrijf je in voor onze gratis Nieuwsbrief! Klik op de button hieronder om je aan te melden:


Jazzflick:



Maarten Hogenhuis
(foto: Maarten Jan Rieder)
Klik op afbeelding voor bijbehorende fotoset


Menupagina's:


Zoek in deze website:

Google

web deze website


Redactieadres:

Hoekstraat 1 B17
3910 Neerpelt
België
(0032) 11747180
(0032) 498788554

Nieuws, tips, suggesties, meewerken?
Mail de redactie.


(advertenties)